logo

Convenant NFB/ Watersportverbond

Het Watersportverbond en de Nederlandse Federatie voor Brandingwatersportverenigingen (NFB) hebben 29 april een convenant getekend over een proeflidmaatschap .

 


Bestuurslid Willem Dekker van het verbond en voorzitter Harry Minnee van de NFB tekenden het convenant in het clubhuis van WV Skuytevaert in Katwijk (foto Watersportverbond;

 

Proefperiode

In het convenant is afgesproken dat er wordt gestreefd naar aansluiting van de bij de NFB aangesloten verenigingen. Kustzeilverenigingen die gebruik maken van de overgangsregeling gaan met het Watersportverbond een proefperiode van drie achtereenvolgende kalenderjaren in. In die drie jaar zal een groeiend aantal leden worden aangemeld, zodat uiteindelijk alle actief zeilende leden van deze verenigingen lid zijn. Vanaf het eerste jaar is de vereniging volwaardig lid. Er zijn wederzijdse inspanningsverplichtingen afgesproken.

 

Succes

Inmiddels hebben de ledenvergaderingen van een drietal Cat-verenigingen al besloten om gebruik te maken van deze overgangsregeling. De aansluiting van de brandingwatersport past in het streven van het verbond om dé vertegenwoordiger van de watersport te zijn. In de komende maanden zal het verbond met de NFB-verenigingen invulling geven aan de samenwerking.

 

Een goede plek

Remco Remeijer, net aangetreden manager Toervaren bij het verbond en actief Formule 18-zeiler is bijzonder verheugd met deze positieve ontwikkeling: “Er was geen beter moment denkbaar voor mij om te gaan werken voor het Watersportverbond. Het mag duidelijk zijn dat de belangen van de brandingwatersporters een goede plek zullen krijgen.”

 

Zandmotor

Zo volgt het Watersportverbond met grote interesse de Zandmotor, een enorm project voor de kust van Kijkduin. “Dit gaat grote impact hebben op de verenigingen aan de kust, maar niemand weet nog welke. In het regioteam Noordzee is Erik van de Linde, oud-voorzitter van de Kust Zeil Vereniging Scheveningen, toegetreden. Hij houdt samen met de andere regioteamleden deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten.”